Liberalisatiegrens
Op woensdag 13 november is via een bericht in de Staatscourant aangekondigd dat de liberalisatiegrens voor zelfstandige wooneenheden per 1 januari 2020 wordt verhoogd naar € 737,14. Vanaf deze datum dient een zelfstandige wooneenheid bij mutatie over minimaal 145 WWS punten te beschikken om als geliberaliseerd (vrije sector huur) aangemerkt te worden.

Te hanteren regelgeving
Bij complexgewijze verkoop door een woningcorporatie kan deze verhoging van de liberalisatiegrens gevolgen hebben voor de te hanteren regelgeving (gereguleerd, te liberaliseren of geliberaliseerd bezit), voortvloeiend uit de BTIV en RTIV. De huidige liberalisatiegrens ligt op € 720,42 en dit komt neer op minimaal 142 WWS punten.

Het aantal WWS punten op het moment waarop de koopovereenkomst gesloten wordt, bepaalt of een woning gereguleerd of geliberaliseerd verhuurd is.

Aftoppingsgrens
Met de verhoging van de liberalisatiegrens worden eveneens de aftoppingsgrenzen per 1 januari 2020 aangepast naar € 619,01 per maand als het huishouden van de huurder uit één of twee personen bestaat en naar € 663,40 per maand als het huishouden van de huurder uit drie of meer personen bestaat. De huidige aftoppingsgrenzen liggen op € 607,46 respectievelijk € 651,03 per maand.

Verhuurderheffing
De verhoging van de liberalisatiegrens is ook van belang voor de afdracht van de verhuurderheffing. Deze heffing geldt voor alle woningen die op 1 januari 2020 onder of op de liberalisatiegrens (€ 737,14 per maand) verhuurd zijn en waar geen gebruik gemaakt kan worden van de heffingsvrije voet of monumentenvrijstelling.

Informeren
Graag informeren wij u over de gevolgen van bovenstaande verhogingen voor toekomstige verkoopplannen of investeringen.